Archief voor september 2011

Symposium

zondag, 25 september 2011

Wat wij momenteel onder een symposium verstaan, is wat wikipedia rangschikt onder wetenschappelijke conferentie. In de oudheid was het karakter ietsje anders dan nu.
Er zijn bijeenkomsten, waarbij de luchtigheid en de ontmoeting tussen verschillende disciplines centraal staat, zoals gister:


Fysiotherapie is een beroep wat zich leent om tussen kunst en wetenschap te bewegen, de ene keer een beetje meer richting de kunsten en de andere keer meer naar de wetenschap toe. De uitwisseling tussen verschillende disciplines geeft inspiratie en zorgt ervoor, dat we niet verstrikt raken in standaard behandelprotocollen. Protocollen zijn nuttig, maar het vraagt af en toe andere aandacht om wakker te blijven voor de zijpaadjes met verrassingen. De ogen kunnen openen voor iets waar we anders nooit zo direct aan gedacht zouden hebben, dat maakt zo’n bijeenkomst erg bijzonder en niet alleen voor fysiotherapeuten!

Digi-dit en digi-dat

zondag, 18 september 2011

Analoog en digitaal, in één adem, zoals ‘peper en zout’, ‘zwart en wit’ en in advertenties: ‘vlakbij zee en rustig strand’. Woorden die bij elkaar horen.
Een klok met wijzers om direct te zien hoe laat het is, lijkt op affiniteit met ‘analoog’, de lineaire tijd. Mensen die bij het zien van getallen meteen weten dat 23.33 even na half twaalf ‘s avonds is, wanneer ze suffig in een halfslaap op hun wekker met cijfers kijken, staan anders in het digitale tijdperk.

Bij anatomie leerde ik dat digitus vinger betekent. Iedere vinger een eigen getal of een eigen naam. Kleine kinderen leren het versje ‘naar bed, naar bed, zei duimelot, eerst nog wat eten…’ Elke vinger een eigen functie. Het woord ‘digitaal’ zou te maken kunnen hebben met alle knopjes en toetsen die je met je vingers bedient. Dan is digitaal niet verbonden met analoog maar met … hoe zou je de rest van het lijf in één woord kunnen samenvatten? Het hoort allemaal bijelkaar en zit aan elkaar vast, ook lichaam en geest zijn niet te scheiden.

In de bladmuziek voor pianisten zie je cijfertjes, die aangeven met welke vinger je een bepaalde noot moet aanslaan of met welke vingers je een accoord pakt. Violisten hebben geen vijf maar vier vingers, de duim heeft een andere functie. Bovendien geldt dat voor één hand. Toch speel je niet alleen met je vingers, die vingers horen bij een lijf en dat lijf hoort bij een persoon, een uniek individu.

Mijn pc en dvdspeler zijn producten van het digitale soort, maar het is wel uiterst kwetsbare apparatuur. Af en toe de stekker er uit trekken als de boel vastgelopen is een vreemd, maar vaak doeltreffend middel om daarna te kunnen constateren dat het ding het weer doet. Hoe zit dat nu met een mens als analoog wezen? Het lijkt erop dat er mensen zijn, die met hun vingers of alleen met hun duimen veel ‘digi’ doen de aandacht voor de rest van hun lijf kwijtraken: uitademen, het achterover zitten, iets op z’n beloop kunnen laten, even de armen en benen strekken, de zinnen verzetten.
Wat in de tuin harken (denk aan Voltaire‘s klassieker Candide
:”Il faut cultiver son jardin!”), het huis schoonmaken, een taart bakken of naar de wolken kijken, wil wel eens helpen als variatie op de tip van even de stekker eruit halen. Ik voel me tenminste geen computer of een ander soort ding.

Beeld en geluid

vrijdag, 9 september 2011

Vroeger had ik een buurman die ‘s nachts niet kon slapen en dan in zijn keuken naar enge films ging zitten kijken. Die geluiden hoorde ik vanuit mijn bed, hij was namelijk wat hardhorend. Aanvankelijk werd ik er wakker van en bekroop me een onbehagelijk gevoel puur door het geluid zonder beeld erbij. Toen ik in de gaten had dat hij naar griezelfilms zat te kijken, kon ik me afsluiten voor het geluid, draaide me om en sliep rustig verder.

Afgelopen week ging ik naar het Noord Nederlands Orkest: een speciaal programma met bewerkingen van liedjes van de Beatles. Omdat ik een liedje herkende maar de titel niet wist, vroeg ik het aan de hoornist die daarin een mooie solo had. Hij gaf me de suggestie om op youtube te kijken naar ‘For no one’.
Toen ik deze versie hoorde, kwam het bij me op: dit is het échte spelen! Spelen, waarvan ik ooit de definitie leerde: bezig zijn om het plezier van het bezig zijn, zonder een specifiek doel na te streven. Om de tekst mee te kunnen zingen, is een andere link handig. Het is leuk om de tekst te zien en uit je hoofd te leren, zodat je meer dan af en toe een woordje mee kunt zingen. Wil je écht horen hoe dat liedje zo heel verschillend kan klinken, dan is het effectief om met je rug naar de pc te zitten en alleen het geluid te horen zonder beeld erbij, zoals ik destijds in mijn bed met die geluiden van de buurman. Het is nog niet glad, het is nog niet af, maar ik kreeg het gevoel dat er ergens in huis iemand écht aan het spelen is en van dat soort spelen word je vrolijk!

De was

vrijdag, 2 september 2011

Een zonnige vrijdagmiddag: de was kan buiten wapperen in de wind!


In de loop der tijden heb ik veel foto’s en tekeningen van waslijnen gemaakt omdat wapperende was er altijd zo vrolijk uitziet.
 

De was wapperend boven op het dek van een vrachtschip of was tussen de huizen in smalle straatjes waarbij een ingenieus katrollensystheem in gebruik is (Venetië), de was aan scheerlijnen van tenten of hangend over het ouderwetse wasrek waar kinderen uit de tijd van Ot en Sien graag een huisje van maken om in te spelen of die lange lijnen met lakens op platte daken zoals in de film ‘Una Giornata Particulare’.

Vanmiddag ben ik teruggefietst om een foto te maken van een bijzondere waslijn op een balkonnetje in de stad.
Wat drukt het gebaar van dat klassieke beeld uit?

‘De was hangt weer!’ met triomferende armen of misschien wel: ’dit is zwaar werk!’? Een sjouwend gebaar zonder dat ze echt iets sjouwt of heeft ze wanhopig de armen geheven van ‘aan het wassen komt nooit een eind!’? Nee, geen gemopper. Ze heeft een wasmachine, tijdens het doen van de was kan ze heerlijk een boek lezen op dat zelfde balkonnetje in de zon, want ze doet de was…